Gasten

In 't Anker praten we bewust over mensen met kanker en niet over kankerpatiënten. Patiënt is men bij de dokter in het ziekenhuis. In 't Anker zien wij mensen met kanker als gast.

Het kost mensen met kanker nogal moeite hun leven na de diagnose opnieuw vorm en zin te geven. Erover praten helpt. Wij vinden het belangrijk dat onze gasten de ruimte krijgen om vrijelijk over hun ervaringen, problemen en beperkingen te spreken met iemand die buiten de familie- en kennissenkring staat. Het praten met de partner, andere familieleden of vrienden kan ook steunend zijn, maar soms worden gevoelens en gedachten ingehouden om hen niet te belasten.

Door het contact met lotgenoten leert men beseffen niet de enige te zijn met deze problemen.

Mensen met kanker

In Inloophuis‘t Anker is iedereen welkom die met kanker in aanraking is gekomen. Dit kan zijn als patiënt, ex-patiënt of als familie, nabestaande of anderszins betrokkenen.

De gasten kunnen geheel vrijblijvend en zonder afspraak binnenlopen en eventueel een beroep doen op de coördinator. De gast kan een praatje maken, worden rondgeleid en horen welke mogelijkheden er zijn met betrekking tot deelname aan ontspannings- en creatieve activiteiten. Het inloophuis staat open voor suggesties en wensen van gasten.

Als blijkt dat een gast meer professionele hulp nodig heeft dan zal worden doorverwezen naar of hulp gezocht worden bij een professionele hulpverlener of instantie. Binnen het inloophuis wordt geen professionele hulp geboden.

Familie en naasten

Als je partner kanker heeft, verandert ongewild vaak de relatie. De relatie wordt door een ziekte als kanker veelal uit balans gebracht. De één is patiënt, de ander wordt ondersteuner, verzorger, verpleger e.d.

Deze rolverandering wordt versterkt naarmate de beperkingen toenemen. De ziekte verstoort de illusie van harmonieuze gelijkheid, van evenwicht en vrijheid in de relatie. De beleving van de toekomst kan verschillend ervaren worden. Voor beiden geldt dat de toekomst met veel onzekerheid is omgeven. De verschillende positie kan leiden tot problemen in de relatie.

Door de ziekte en de zorglast kunnen ook de relaties met de buitenwereld in zekere zin verschralen. De wereld wordt kleiner, de belangstelling voor en van anderen minder. Ook voor de partners geldt dat praten met andere mensen die in soortgelijke omstandigheden verkeren herkenning en opluchting geeft. Het inloophuis wil hen helpen waardoor mensen met kanker en hun partners of naasten op een zo gelijkwaardige en normaal mogelijke manier kunnen doorleven.

 ==================================================

Gastenraad

Begin 2013 is er voor en door ’t Anker een gastenraad opgezet. Het is de bedoeling dat deze gastenraad meepraat over alles wat er gebeurt of niet gebeurt m.b.t. de gasten van ’t Anker.
Er zitten 5 gasten in deze raad, mensen uit allerlei activiteiten die ’t Anker organiseert en die eens in de drie maanden samenkomen om alles wat er maar speelt te bespreken.
Uiteraard kan iedere gast, die iets kwijt wil over ’t Anker deze raad benaderen. Dat kan via info@inloophuishetanker.nl

 ==================================================

TIPS uit het Inloopcafé voor nabestaanden

Suggesties van nabestaanden aan lotgenoten

1. Breng structuur in je leven.

2. Doe dingen die je energie geven.

3. En doe die minstens 1x per dag.

4. Ga bewust genieten van wat je vroeger ook mooi vond.

5. Breng ritme in je dag, zodat je een reden hebt om op te staan.

6. Probeer ‘zwarte rouw’ om te zetten in ‘witte rouw’: 

    Zwarte rouw is: pijn, verdriet, je náár en ellendig voelen.

    Witte rouw is: activiteiten ondernemen vanuit je verdriet.

7. Blijf dicht bij jezelf en volg je eigen gevoel.

8. Scherm jezelf af voor (teveel) ellende van buiten.

9. Wees eerlijk, naar jezelf en naar anderen: bijv.:

    “Hoe het met me gaat? Wil je het echt weten?”

==================================================

 Hallo, hoe gaat-ie?

Als je mij vraagt
Als je mij vraagt hoe het gaat
op doorgang in het voorbijgaan
dan zeg ik
goed

Als je vraagt hoe het met mij gaat
en je blijft staan
en je kijkt me aan
dan zeg ik meestal
zo, zo.

ik probeer te luisteren
naar de vraag achter de vraag
of het al gerede antwoord
maar soms stink ik erin
en laat ik me verleiden
door een oogopslag
een buiging van je stem
een aanraking
en vertel.

Arme jij, die dan soms
als jouw vraag alleen code of formule was
moest luisteren naar een echt verhaal
Jij wou alleen maar zeggen
Hallo, hoe gaat-ie? Goed toch zeker?
en als het niet goed gaat dan morgen
hopelijk beter. En kijk eens wie daar binnen komt,
en daar hebben we die en die ook.
Hallo, hoe gaat-ie

Ach jij. Hoe gaat het met jou?

Marina San Giorgi

==================================================

Mijn gouden tip voor het contact met artsen

+ Zorg dat de arts echte aandacht voor je heeft.
+ Wees assertief en kom voor jezelf op.

+ Als je gevoel over het contact niet goed is, confronteer ze er dan mee.

Vraag bijvoorbeeld om oogcontact.

+ Vraag om uitleg in ‘gewoon Nederlands’.

+ Kom altijd met twee, of zelfs met drie personen.

+ Let goed op: Wat gebeurt er precies? Vraag daar over door.

+ Wees concreet over jezelf, over wat je voelt en denkt.

Vraag ook om concrete antwoorden, recht op de man/vrouw af.

+ Vraag een ‘dubbel spreekuur’ aan.

Genoteerd op 2 februari 2012 tijdens een RondeTafelgesprek in ‘t Anker

==================================================